HIPPO.WAR, bezoekerscentrum WOI

In het weekend van 11 november opent HIPPO.WAR, het Waregemse bezoekerscentrum over de Eerste Wereldoorlog, zijn deuren. Het bezoekerscentrum wordt ondergebracht in de nieuwe tribune aan de renbaan. De tweede verdieping zal als permanente tentoonstellingsruimte fungeren. Op een oppervlakte van zo’n 1300 m² komen twee centrale thema’s aan bod: de Amerikaanse inbreng tijdens de Eerste Wereldoorlog en de rol van het paard. Daarnaast is er ook ruimte voor tijdelijke tentoonstellingen.

“We kozen voor deze insteek omwille van onze faam als paardenstad en de aanwezigheid van een Amerikaanse militaire begraafplaats”, verduidelijkt schepen van Cultuur Pietro Iacopucci. “Het verband tussen de Groote Oorlog en het paard is bij het grote publiek weinig bekend. We willen dit stukje geschiedenis op een boeiende manier aanschouwelijk maken.” De tentoonstelling belooft een chronologisch verhaal te brengen, aangevuld met persoonlijke verhalen en enkele centrale pronkstukken.

Strijdpaard of lastdier

Bij aanvang van de oorlog, in 1914, had het Britse leger vijfentwintigduizend paarden ter beschikking. Om dat aantal op te drijven werden meer dan vierhonderdduizend Britse paarden geconfisqueerd of opgekocht. Daarnaast verscheepten de geallieerden veel dieren vanuit Amerika. Een commissie bepaalde hun lot: ze werden ingezet als strijdpaard voor de soldaten of moesten opereren als lastdier. Gezien de schaarste aan gemotoriseerde wagens, bewezen de trekpaarden onder meer hun nut als vervoermiddel voor troepen, wapens en munitie én als ziekentransport. De cavalerie nam aanvankelijk verkenningsmissies en achtervolgingen voor haar rekening. De paarden beleefden vaak barre tijden en moesten zelfs gasmaskers dragen. Miljoenen dieren overleefden de strijd niet. De rol van de ruiters te paard nam gedurende de oorlog af, ten voordele van tuigen met meer vuurkracht en bescherming. Slechts een beperkt deel van het paardenbestand, vooral de privépaarden van de officieren, keerde na de oorlog per boot huiswaarts. De Groote Oorlog luidde voor het Westen het einde van de traditionele cavalerie in.

Voor jong en oud

Stad Waregem doet voor de uitwerking van de tentoonstellingen een beroep op ontwerpbureau Grafiekgroep, dat als scenograaf vastlegt hoe het thema ‘het paard in de Eerste Wereldoorlog’ aan het publiek wordt getoond. Een werkgroep van experten verricht onderzoek en verzamelt informatie, zoals audiofragmenten, foto’s en documenten. Ze putten daarvoor onder meer uit het goed gestoffeerde Waregemse stadsarchief. Een recent in Poperinge opgegraven paardenskelet wordt een van de blikvangers. “We willen een bezoekerscentrum creëren dat een breed publiek aanspreekt, van gezinnen, over scholen, tot paardenliefhebbers en Amerikaanse toeristen”, verduidelijkt de schepen.

Opening op 11 november

Het bezoekerscentrum kost 2,2 miljoen euro, waarvan de Vlaamse Overheid en de Provincie West-Vlaanderen respectievelijk 800.000 euro en 250.000 euro voor eigen rekening nemen. Het gloednieuwe bezoekerscentrum opent zijn deuren voor het publiek op Wapenstilstand, 11 november 2017. Het is dit jaar ook precies een eeuw geleden dat de Verenigde Staten de oorlog verklaarden aan Duitsland.